Paarden onderhoud - Hoefsmid
Een hoefsmid is een man of
vrouw die de hoeven van een paard verzorgt. Het werk van een hoefsmid bestaat
enerzijds uit bekappen, anderzijds uit beslaan.
Bekappen
Bekappen van de
hoeven is vergelijkbaar met het knippen van nagels. Een paard in de natuur
loopt langere afstanden over verschillende bodemsoorten, waardoor de hoeven op
natuurlijke wijze zullen afslijten. Dit gebeurt met paarden die in
gevangenschap gehouden worden niet of in mindere mate. Een paard zal daardoor
ongeveer om de acht weken moeten gebeuren. Doordat de hoeven in de juiste vorm
staan, zal dit leiden tot een goede stand, gangen en beengezondheid.
Leeftijd
Een veulen hoeft tot
zijn 6e maand meestal niet bekapt te worden, tenzij deze op stal gehouden wordt
in plaats van met de moeder in het land kan lopen. In die periode is het handig
om het veulen al te laten wennen aan het oplichten van de benen, zodat de
eerste keer bij de smid geen stress zal veroorzaken. Tussen de twee en vier
maanden kan de draagrand iets worden ingekort. Na veertien dagen kan al aardig
worden geschat of het veulen gezonde hoeven heeft of dat er problemen zullen
voordoen.
Tussen de 6 maanden
en 3 jaar zal het paard regelmatig bekapt moeten worden. Pas daarna mag de hoef
eventueel beslagen worden.
Aandoeningen
Ook bij verschillende
aandoeningen kan bekappen van de hoef noodzakelijk zijn. Het veranderen van de
stand kan hierbij helpen, zoals bij hoefbevangenheid
Natuurlijk bekappen
Dit is een vrij
recente manier van bekappen en wordt ook vaak zelf gedaan. Hierbij wordt de
natuurlijke slijtage zoveel mogelijk nagebootst.
Er zijn diverse
instrumenten die de hoefsmid hierbij nodig heeft:
• Renetten
• Kapmes
• Hamer
• Hoefvijl
Beslaan
Wanneer een paard
veel wordt bereden over de weg of de hoeven te hard slijten kan het
noodzakelijk zijn om het paard te laten beslaan. De hoefsmid zet de hoefijzers
met behulp van nagels vast aan de hoef van het paard. Als ijzers niet noodzakelijk
zijn voor het paard is het voldoende om het paard blootsvoets te laten en
alleen maar goed te laten bekappen.
Er zijn 2 manieren
van beslaan: warm en koud beslag.
Voor- en nadelen hoefbeslag
Hoefijzers beschermen
de hoeven tegen overmatige slijtage door bijvoorbeeld veelvuldig op de verharde
weg te rijden, bijvoorbeeld met paard en wagen of als een paard met de
voorbenen krabt in de box. Een voordeel van ijzers is dat er schroefgaten in
gemaakt kunnen worden om er kalkoenen in de draaien en het paard op scherp te
zetten. Bij de bereden politie gebruiken ze op de dagen dat er ME patrouilles
zijn, speciale platen onder de hoeven om deze te beschermen tegen voorwerpen op
straat, waar het paard zich aan kan bezeren. Soms wordt een paard beslagen om
hem beter gangwerk te geven, bijvoorbeeld bij tuigpaarden die met zwaardere
ijzers hun benen meer heffen. En een hoefijzer kan helpen bij standcorrectie,
wat soms nodig kan zijn bij bepaalde aandoeningen.
Een nadeel van
hoefbeslag is dat de hoefwand beschadigd door het inslaan van de hoefnagels.
Dit kan problemen veroorzaken bij paarden met een zwakke hoefwand. Daarnaast
belemmert een onbeweeglijk ijzer het hoefmechanisme, zeker als er gebruik wordt
gemaakt van extra lippen. Het gevolg hiervan is vaak al binnen een paar maanden
zichtbaar aan de smaller wordende hoef. De kosten worden ook vaak gezien als
een nadeel, tenslotte is het alleen bekappen van de hoeven goedkoper dan ze ook
te beslaan.
koud of warm beslag
Koud beslaan houdt in
dat het voorgevormde ijzer wordt bewerkt zonder verhitting. Dit vergt meer
kracht van de smid, doordat het ijzer veel moeilijker te vormen is op die
manier. Een verhit ijzer bewerkt makkelijker. Als de hoef niet veel afwijkt van
het ijzer dat voor handen is, zal er weinig aangepast hoeven te worden,
waardoor het beslaan snel klaar is. Deze manier is vaak goedkoper dan bij warm
beslag, vanwege de investering in de speciale oven en verbruik van propaangas.
Het nadeel van koud beslag is dat er geen extra lippen aan gesmeed kunnen
worden als dit nodig zou zijn.
Beslaan
Correct bekappen van
het paard is een vereiste voordat er een hoefijzer onder gezet kan worden.
Hierbij wordt gelet op de voetas, manier van bewegen en stand. Daarna wordt de
maat opgenomen, breedte van het ijzer en lengte van de tak. Het ijzer wordt
verwarmd in de oven en in het juiste model geslagen, daarna wordt het tegen de
hoef gehouden om te kijken of het past. Er wordt vooral gelet op de plaats ten
opzichte van de witte lijn, dit is de plek waar de nagels ingeslagen moeten
worden. Is het ijzer te krap, dan kan je het risico lopen om nageldrukking te
krijgen. Is het te ruim, dan nagel je in de wand met kans op scheuren. Als het
ijzer goed is, wordt deze gekoeld in een metalen emmer met water en vervolgens
vast genageld aan de hoef. Om het geheel netjes af te werken, worden de nagels
afgeknipt en met een priem omgeslagen.
bron: www.bokt.nl